
Rasbeschrijving
(Terriers) |
 |
Beschrijving: Pas op 1 januari 1965 kreeg de Norfolk Terrier een eigen status. Voorheen werd dit ras als één gezien met de Norfolk Terrier. Overigens zijn beide rassen identiek op de oren na. De Norwich Terrier heeft rechtopstaande oren, terwijl die van de Norfolk Terrier hangend zijn. Het ras werd gebruikt voor de jacht boven de grond. Waarschijnlijk zit er Ierse Terrier en Glen of Imaal Terrier bloed in dit ras. Het is een oud werkras met een grote moed. Overigens waren er nog maar enkele hondjes over na de eerste wereldoorlogen en hebben kynologen veel werk gehad met het weer opbouwen van dit ras. In 1932 werd de Norwich Terrier erkend door de Engelse Kennelclub.
|
Gebruik: Gezinshond
|
Activiteit: Vereist regelmatige lichaamsbeweging en is een verwoed jager op ratten en konijnen. Past zich echter gemakkelijk aan.
|
Verschijning:
- Algemeen: De Norwich is een schrander hondje. Compact, laag en gedrongen gebouwd, met sterk bone. Ribben zijn goed gewelfd. De benen zijn kort, sterk en zo recht mogelijk.De hals is kort en sterk.
- Kleur: Rood, zwart en tan, grauw. Witte vlekke ongewenst.
- Hoofd en schedel: Brede en lichtgewelfde schedel. Stop duidelijk aangegeven. Snuit is vosachtig en krachtig.De ogen zijn donker van kleur en hebben een wakkere en intelligente uitdrukking. De oren staan rechtop, hetgeen de vosachtige uitdrukking versterkt. De oren zijn iets groter dan bij de Cairn Terrier. Schaargebit.
- Staart:Hoog aangezet en zodoende de ruglijn voortzettend. Rechtop gedragen.
- Voeten: Rond.
- Beharing: Vlakliggend, hard en draadachtig, het liefst iets langer aan de hals en de schouderpartij.
- Schofthoogte: Reu en Teef: 25 cm.
|
Aard:
- Gelijkmatig humeur
- Onbevreesd
- Geschikt voor kinderen
- Sterk
- Beminnelijk
- Onvermoeibaar
- Energiek
- Vrolijk
|
|