
Rasbeschrijving
(Terriers) |
 |
Alias:
Fox Terrier
|
Beschrijving: Van de Fox Terrier bestaat een gladharige- en een draadharige variant. Hoewel qua aard en vorm gelijk, zijn het verschillende rassen die door de andere beharingsstructuur een ander silhouet vertonen. De naam terrier is afgeleid van het Latijnse woord terra, dat "aarde" betekent en slaat op de taak die dit ras moest verrichten. De Fox Terrier moest ongedierte bestrijden en de vos uit zijn hol drijven. De Gladharige Fox Terrier is volgens velen de beste terrier voor deze taak. De Draadharige Fox Terrier is populairder dan de Gladharige. De Draadharige Fox Terrier komt voort uit de draadharige terriers uit de Britse steenkoolgebieden van Durham, Wales en Derbyshire. Pas in 1872 werd dit ras voor het eerst tentoongesteld. Het ras is uitstekend geschikt voor kinderen en vormt een ideale gezinshond. Hou rekenin gmet zijn karakter! De Fox Terrier speelt graag de baas en heeft daarom een consequente opvoeding nodig. Ook veel beweging en uitdagingen zijn nodig om de Fox Terrier een prettige kameraad te laten zijn.
|
Gebruik: Gezinshond, maar zeker geen hond voor bij de kachel.
|
Activiteit: De Fox Terrier is gek op snuffelen en vrij rondrennen. Hij jaagt graag achter ongedierte aan en is niet bang voor een gevecht, ondanks zijn vriendelijke aard. Vereist bijzonder veel lichaamsbeweging. De Fox Terrier kan soms erg provocerend zijn. Beweging kan in de vorm van allerlei activiteiten zoals fiesten, flyball, gehoorzaamheid, spelletjes etc. Doet u dit niet dan is de kans groot dat de Fox Terrier ontaart in een prikkelbare zenuwachtige hond.
|
Verschijning:
- Algemeen: Vrolijke, levendige en actieve aanblik. Stevig geraamte met veel spierkracht. Snelheid en uithoudingsvermogen alswel symmetrie van de Foxhound moeten in dit ras terugkomen. Niet te hoog op de benen, maar meer zoals een ideaal jachtpaard. De rug is kort. Droge lange nek zonder keelhuid.
- Kleur: Wit moet overheersen. Gestroomde, rode of leverkleurige en leiblauwe vlekken zijn ongewenst.
- Hoofd en schedel: Vlakke, tamelijk smalle schedel, zeer geringe stop en lange, stevige snuit. De bovenkant van de schedel moet bijna vlak zijn, licht hellend en naar de ogen toe geleidelijk smaller wordend. Een evenwichtig hoofd heeft een gelijke verhouding tussen snuit en schedel. Zwarte neus. Kleine, donkere ogen die diepliggend zijn. Ogen hebben een vurige uitdrukking. De oren zijn knoporen, klein en matig dik. Schaargebit.
- Staart: Vrij hoog aangezet, vrolijk gedragen, maar niet over de rug. De staart wordt gebruikt tijdens het werken met de hond en dient derhalve zeer sterk te zijn.
- Voeten: Klein en rond. Stevige zool. De nagels zullen vanzelf kort afslijten wanneer de voorbenen welgevormd en recht zijn.
- Beharing: Ruw, hard en enigszins kroezend (moet getrimd worden).
- Schofthoogte: maximaal 39 cm. Gewicht ongeveer 8 kg.
|
Aard:
- Eigenwijs
- Vrolijk
- Nieuwsgierig
- Doorzetter
- Leergierig
- Onafhankelijk
- Zelfbewust
- Drang om te jagen
- Provocerend
|
|