(Terriers) |
 |
Beschrijving: Een van de jongste Terrier rassen. Dit ras is in Bohemen ontstaan uit kruisingen van Schotse en Sealyham Terriers en gefokt als gebruikshond, vooral voor werk onder de grond. De jager die dit ras heeft geschapen merkte dat de Schotse Terriers niet geschikt waren voor het doel. Dat was de reden dat beide Terrierrassen werden gekruist. Vanaf 1949 werd door zorgvuldig fokken een geheel nieuw ras gemaakt met goede jachteigenschappen. Pas in 1963 werd het ras door de FCI erkend. Het ras heeft een aanzienlijk uithoudingsvermogen.
|
Gebruik: Gezinshond.
|
Activiteit: Cesky Terriers hebben een enorm uithoudingsvermogen en zijn zeer actief en ondernemend. Daarom moet de hond regelmatige beweging krijgen.
|
Verschijning:
- Algemeen: Kortbenig, massieve en kleine hond. Rechthoekig gebouwd. Het lichaam is niet te lang. Ribben goed gewelfd. Benen zijn kort met goed bone. Lange hals.
- Kleur: Twee kleuren zijn toegestaan: blauwgrijs en licht koffiebruin
- Hoofd en schedel: Middelmatig breed en tamelijk lang. Duidelijke achterhoofdsknobbel en eveneens duidelijke, niet te diepe stop. Voorsnuit is naar verhouding lang met een rechte neusrug en grote neusspiegel. De ogen zijn bruin van kleur. Middelmatig grote knoporen. Schaargebit.
- Staart: De staart is 18-20 cm lang en krachtig, relatief hoog aangezet maar hangend of iets omhoog gedragen.
- Voeten: Rond
- Beharing: Lang, dicht en fijn, golvend en zijdeachtig glanzend. Zij vormt een baard en wenkbrauwen op het hoofd. Bij de hals en op de rug knipt men de vacht op ongeveer 1.5 cm.
- Schofthoogte: Reuen en Teef ongeveer 27 - 35 cm.
|
Aard:
- Ondernemend
- Actief
- Niet agressief zonder noodzaak
- Lief voor kinderen
- Goede jager
|