Australian Cattle Dog



Home
Dieren verzekering
Dierenartsen online
Dierenambulances
Instanties
Contact
Over Australian Cattle Dog

Op deze site kunt u informatie vinden over de Australian Cattle Dog.

Rasbeschrijving

(Herdershonden en veedrijvers behalve de Zwitserse Sennenhonden)
Australian Cattle Dog
Beschrijving:
De Australian Cattle Dog is vermaard om de wijze waarop hij over de ruggen van de schapen rent om de kop van de kudden te bereiken. Het is een zeer snel ras en erg intelligent. In het midden van de 19e eeuw hadden Australische boeren een perfecte hond nodig die wild vee van het land naar Sydney zou kunnen brengen. De "Smithfield Dog" probeerde deze taak te volbrengen, maar had moeite met het terrein en jaagde de koeien schrik aan met zijn voortdurende geblaf. Diverse kruisingen vonden plaats om de Smithfield te vervangen voor een hard werkende, sterke en gehoorzame hond voordat een kruising tussen de Dingo, Collie, Dalmatische Hond, Sheepdog en Kelpie een succes was. De ontstane "Queensland Heeler" was de perfecte hond voor de boeren die wanhopig op zoek waren geweest naar een vakkundige hond. De moderne naam Australian Cattle Dog geeft zowel de oorsprong als de taak van deze hond aan. Het is een plezierige hond die het liefst een taak te verrichten heeft. Het ras heeft een gelijkmatig karakter en is erg trouw.
Gebruik:
Werkhond
Activiteit:
De Australian Cattle Dog is een zeer toegewijde harde werker met een onvoorwaardelijke plichtsbetrachting. Het ras heeft zeer veel beweging nodig en zo mogelijk een taak te verrichten.
Verschijning:
  • Algemeen: De Australian Cattle Dog is een stevige en compacte hond met een actieve en vrije beweging. De lengte van het lichaam van het boeggewricht tot het zitbeen verhoudt zich als 10:9 tot de schofthoogte. Rechte bovenbelijning. Sterke rug met goed gewelfde ribben. Brede en goed gespierde borst. De benen zijn recht en matig lang met sterk bot. Buitengewoon sterke hals, matig lang en zonder keelhuid.
  • Kleur: Blauw met of zonder zwart, blauwe of tan aftekeningen op het hoofd en de benen. Ook rood met of zonder donkere aftekeningen op het hoofd.
  • Hoofd en schedel: Breed, licht gewelfde schedel, vlakker wordend naar de licht maar goed aangegeven stop. Wangen zijn goed gespierd, maar mogen niet uitsteken. Krachtige onderkaak, diep en goed ontwikkeld. Brede snuit en goed gevuld onder de ogen. Voorsnuit is matig lang doch diep. Strakke lippen. Zwarte neus. Ovale ogen die donkerbruin gekleurd zijn. Kleine, brede en opstaande oren, enigszins puntig van vorm. Schaargebit.
  • Staart: Laag aangezet, in vloeiende lijn met het bekken. De staart reikt tot de sprong. Staart mag in actie hoger gedragen worden maar nooit vrolijk.
  • Voeten: Rond met korte, sterke en goed gebogen tenen. Harde en dikke voetzolen.
  • Beharing: Weersbestendige bovenvacht die tamelijk kort is, recht en matig grof. Korte en dichte ondervacht. Achterzijde van de benen langer behaard en een broek vormend. Staart zodanig behaard dat een vossestraat ontstaat. Hoofd, voorbenen en achtermiddenvoeten bedekt met kort haar.
  • Schofthoogte: Reu 45.5 - 51 cm, Teef: 43 - 48 cm.
Aard:
  • Ondernemend
  • Moedig
  • Uitstekende werkhond
  • Goede kameraad
  • Trouw
  • Wantrouwend tegenover vreemden
  • Intelligent
  • Oprecht